Aflevering 3: De rol van de docent: mediatie

 

Blogserie Aandacht voor taal binnen HorizonTaal

Taal is een essentieel instrument in onze loopbaan. De LOB-methodiek HorizonTaal, die Loopbaanparadox op verschillende scholen verzorgt, besteedt daarom niet alleen aandacht aan loopbaanvragen voor jongeren, maar ook aan taalontwikkeling. Dat dit van belang is, blijkt ook uit het rapport van de Expertgroep Doorlopende Leerlijnen Taal en Rekenen dat in 2008 in opdracht van het ministerie van OCW werd geschreven. Deze serie van twaalf blogs heeft dan ook als onderwerp: aandacht voor taal binnen de LOB-methodiek HorizonTaal.

Ik hoop dat deze blogs bijdragen aan je persoonlijke ontwikkeling! Of je nu professional bent in het onderwijs, ouder of op een andere manier geïnteresseerd in dit onderwerp.

Wanneer je vragen hebt over de methodiek HorizonTaal, of wilt weten wat Loopbaanparadox voor jou of jouw school kan betekenen, of wanneer er persoonlijke vragen ontstaan, is het altijd mogelijk om hierover te mailen (cora@loopbaanparadox.nl). Gratis!

Mediatie: als docent de leerling volgen

In het vorige blog schreef ik dat de taalvaardigheid van leerlingen toeneemt als ze met elkaar een betekenisvolle activiteit uitvoeren. De methodiek HorizonTaal bevat veel van dergelijke activiteiten. Maar welke rol heb je daarbij als docent? Hoe vul je die rol in? Hoe werk je aan het verhogen van het taalniveau? Het begrip dat HorizonTaal hiervoor gebruikt, is mediatie. Wat dit inhoudt en hoe dit er in de praktijk uitziet, maak ik duidelijk in de komende vijf blogs.

Eerst een voorbeeld uit de praktijk. Groepjes leerlingen in een klas zijn enthousiast bezig geweest met de volgende opdracht: breng een onmogelijke situatie in beeld. Zo ook B. en zijn groep. Zij dachten na over een foto waarbij een kat en een vogel vriendschappelijk naast elkaar zitten.

Hoe ga je daarbij als docent om met het taalniveau van de leerlingen? De volgende dialoog beschrijft de reactie van de docent:

’B., jullie groepje heeft een oplossing bedacht om deze foto te kunnen maken, is het niet?’
De leerkracht plukt een foto van een stapeltje en toont hem enthousiast aan de klas – een kat en een vogel die vriendschappelijk naast elkaar zitten en in de lens van de camera kijken.
‘Ja, mevrouw.’ B. knikt.
Een paar leerlingen lachen. Iemand staart zijn buurman aan en tikt glimlachend met zijn wijsvinger tegen zijn hoofd.
‘En, is het gelukt, jongens?’ vraagt de juf.
B. duikt in een bundeltje losse blaadjes, zijn houvast om verslag te kunnen uitbrengen over het denkwerk van de laatste tien minuten. De buur van B. neemt één van de blaadjes uit het stapeltje en schuift het onder zijn neus.
‘Dat was een hele uitdaging, denk ik,’ zegt de juf glimlachend. ‘Want wat gebeurt er B., als je een kat en een vogel naast elkaar zet?’
‘Die eet die op,’ antwoordt B. onmiddellijk en zonder de minste twijfel in zijn stem.
De leerkracht laat haar armen zakken. (…) Ze zucht en ze zucht diep. ‘Maak daar nu eens een móóie zin van… een echte zin, een zin die helemaal af is.’ (Vanmontfort 2010a)

De docente kan dan misschien gelijk hebben, haar reactie is op z’n zachtst gezegd niet erg positief. Vanmontfort beschrijft het effect:

Op het moment echter dat de leerkracht het antwoord van B. in een geijkt schoolpatroon klasseert, is de fut eruit. De klas wordt stil. De motivatie van B. zakt onder het vriespunt. De natuurlijke nieuwsgierigheid van de leerkracht om te vernemen op welke manier haar leerlingen de uitdaging zijn aangegaan, verdwijnt als sneeuw voor de zon. De gang van zaken belemmert de ervaring van positieve verandering op lange termijn en wel op twee vlakken: echte kansen om taalvaardiger te worden en het warme gevoel van erbij te horen. Op welke manier kunnen deze breuklijnen worden voorkomen? (Vanmontfort 2010a)

Mediatie 

In de visie van HorizonTaal speelt ‘mediatie’ een essentiële rol. Hieronder wordt verstaan: contact maken en aansluiten bij de bestaande mogelijkheden van de leerling als basis voor zijn verdere ontwikkeling. Een noodzakelijke voorwaarde hiervoor is het investeren in de relatie met de leerling. Mediërend leren laat de leerling ‘het werk’ doen. Bij mediërend leren volgt niet de leerling de docent, maar volgt de docent de kleine stapjes (het denkproces) van de leerling. De leerling begrijpt de nieuwe stof daardoor beter. De leerling krijgt meer zelfvertrouwen en zodoende komt een leerling tot een leerervaring; het leren lukt beter. Anders gezegd: niet de docenten zeggen hoe het moet, maar de docenten sturen het denkproces van de leerling, zodat de leerling zelf tot een oplossing komt.

Mediatie in de praktijk

Wat had de bovenstaande docent nu anders kunnen doen vanuit een mediёrende houding? Een voorbeeld zou de onderstaande dialoog kunnen zijn:

‘Je zegt dat de kat de vogel dan opeet?’
‘Tuurlijk!’ antwoordt B.
Hierna kan B. vertellen wat ze als groep aan prachtige oplossingen hebben bedacht. Een mooi voorbeeld is dat de groep heeft bedacht dat de vogel voor de jongen van de poes had gezorgd, toen deze geen eten hadden en dat ze toen vriendschap hadden gesloten.
De docent laat zich verrassen door de dingen die de leerlingen hebben bedacht. Het wordt als klas echt samen leren en ontdekken!

De docent zou later ook nog een poging kunnen doen om het taalniveau op een hoger niveau te krijgen.

‘Stel nou dat jullie door de burgemeester worden gevraagd om een expositie te maken in het stadhuis met foto’s van onmogelijke situaties. En stel dat jij deze foto aan hem moet toelichten. Hoe zou je dat doen?’

Met deze vraag zet de docent de leerling in de rol van professional die zijn werk aan de burgemeester moet presenteren. Daarmee vraagt de docent spelenderwijs om taal op een andere manier te gebruiken. Wanneer de leerling op dat moment ‘jongens onder elkaar-taal’ gebruikt, zou de docent kunnen zeggen: ‘Dat is “jongens onder elkaar-taal”. Hoe zou je het anders kunnen zeggen, zodat de burgemeester en allemaal mannen in dure pakken, het goed kunnen begrijpen?” Door de opdracht geleidelijk aan moeilijker te maken, wordt de competentie van de leerling versterkt. En dit competentiegevoel vergroot weer de taalvaardigheid.

Groeivraag

Ben jij je als docent of ouder bewust van deze manier van taalleren van jongeren? Hoe zou je hier op een nieuwe manier op in kunnen spelen?

Vooruitblik

Om mediërend te leren zijn vier vaardigheden van belang: intentionaliteit en wederkerigheid, zingeving, competentie en transcendentie. In het blog van volgende week staat de eerste vaardigheid centraal, intentionaliteit en wederkerigheid.

Bronnen voor deze serie

  • Clark, Herbert H. (2005), Using language. Cambridge: Cambridge University Press.
  • Expertgroep Doorlopende Leerlijnen Taal en Rekenen (2008a), Over de drempels met taal en rekenen. Hoofdrapport van de Expertgroep Doorlopende leerlijnen Taal en Rekenen. SLO: Enschede. http://www.slo.nl/nieuws/dll/Hoofdrapport.pdf/download – voor het laatst geraadpleegd 7-8-2014.
  • Expertgroep Doorlopende Leerlijnen Taal en Rekenen (2008b), Over de drempels met taal. De niveaus voor de taalvaardigheid. Onderdeel van de eindrapportage van de Expertgroep Doorlopende Leerlijnen Taal en Rekenen. SLO: Enschede. http://www.slo.nl/nieuws/dll/Taalrapport.pdf/ – voor het laatst geraadpleegd 9-1-2015.
  • Expertgroep Doorlopende Leerlijnen Taal en Rekenen (2008c), Over de drempels met rekenen. Consolideren, onderhouden, gebruiken en verdiepen. Onderdeel van de eindrapportage van de Expertgroep Doorlopende Leerlijnen Taal en Rekenen. SLO: Enschede. http://www.slo.nl/nieuws/dll/Rekenrapport.pdf/ – voor het laatst geraadpleegd 9-1-15.
  • Rossum, Cora van (2014), Kwetsbaarheid is kracht. Menselijk maatwerk in duurzaam, inspirerend en ambachtelijk loopbaan- en studiekeuzeadvies. Rotterdam: Loopbaanparadox.
  • Vanmontfort, Magda van (2010a), ‘Taal en mediatie. Een beschouwing over communicatie in het onderwijs – mogelijke breuklijnen en wat mensen kunnen doen om breuken te helen’. In: Zorgbreed.Tijdschrift voor integrale leerlingenzorg 8, nr. 29, pp. 2-11. http://www.maklu.nl/MakluEnGarant/BookDetails.aspx?id=9781162169088 – voor het laatst geraadpleegd 7-8-2014.
  • Vanmontfort, Magda van (2010b), HorizonTaal, Studiekeuze als ontdekking, handleiding. Antwerpen / Apeldoorn: Garant.
  • Vanmontfort, Magda van (2009), ‘HorizonTaal – een leek voor de klas’. In: Caleidoscoop 21, nr. 6, pp. 4-21. http://caleidoscoop.be/index.php?ID=41314 – voor het laatst geraadpleegd 9-8-2014.

Over de LOB-methodiek HorizonTaal

De LOB-methodiek HorizonTaal wordt door Loopbaanparadox op een aantal middelbare scholen in Nederland gefaciliteerd. HorizonTaal is ontwikkeld door de Vlaamse Magda Vanmontfort, psycholoog en taalkundige. De methodiek is bedoeld voor middelbare scholieren van 13-14 jaar en bestaat uit twee componenten: beroepskeuze- en loopbaanontwikkeling én taalontwikkeling.

In 2014 schreef ik een blogserie over de inhoud en vormgeving van de LOB-methodiek HorizonTaal. Deze blogserie is te vinden op mijn site: http://loopbaanparadox.nl

Over het blog

De missie van Loopbaanparadox is: Kwetsbaarheid is kracht! Menselijk maatwerk in duurzaam, inspirerend en ambachtelijk loopbaan- en studiekeuzeadvies”. Het blog draagt in dit kader kennis, inspiratie en deskundigheid over en verschijnt iedere maandag.

De foto’s zijn van fotograaf Marcel Sjoers (www.marcelsjoers.nl). Ze zijn te bestellen via marcel@marcelsjoers.nl. Het blog is geschreven door Cora van Rossum (www.loopbaanparadox.nl) en staat onder redactie van Marleen Schoonderwoerd (http://www.linkedin.com/in/marleenschoonderwoerd).

Cora van Rossum – www.loopbaanparadox.nl – 16-2-2015